U bent hier: Home - Proces - Drijvend funderingsmaterieel

Printvriendelijke versie

 
 
 

Bijlage 7. Drijvend funderingsmaterieel


Werken op het water met zwaar materieel levert diverse veiligheidsrisico’s op. Het voorkomen van val- en struikelgevaar door juiste middelen en afspraken is belangrijk. Daarnaast dienen reddingsmiddelen altijd beschikbaar en toegankelijk te zijn. De kans op te water raken moet zo klein mogelijk worden gemaakt. De berekende hijs- en dekbelastingen mogen niet overschreden worden. Machines dienen deugdelijk tegen afschuiven geborgd te zijn. Ook extreme weersomstandigheden zoals wind of golfslag en naderend onweer leveren gevaar op. Echter, vooral het op- en afrijden van pontons is een risicovolle activiteit.

De NVAF-richtlijn voor drijvend funderingsmaterieel is in brochurevorm beschikbaar en op www.funderingsbedrijf.nl. De richtlijn is van toepassing op een drijvend werktuig bestaande uit een funderingsmachine die geplaatst of gemonteerd is op een ponton of ander vaartuig. Het toepassingsgebied van de richtlijn is beperkt tot de Nederlandse binnenwateren en binnenlandse bouwputten. Buiten dit toepassingsgebied kan deze richtlijn worden verdrongen door regelingen welke gelden voor drijvend materieel dat onder classificatie is gebouwd zoals in de offshore.

Indeling
Drijvend funderingsmaterieel wordt ingedeeld in de volgende categorieën:

Categorie A:
Vast met een ponton of een ander vaartuig verbonden funderingsmachine of constructie, niet zwenkbaar, sprei verstelbaar door op- en aftoppen.

Categorie B:
Als categorie A, echter tevens zwenkend over 360º of vast ingestelde hoek (-en).

Categorie C:
Als categorie B, echter niet vast met ponton of ander vaartuig verbonden funderingsmachine of constructie, niet op ponton verplaatsbaar of rijdend.

Categorie D:
Als categorie C, wel op ponton verplaatsbaar of rijdend.

Bij Categorie C en D kan sprake zijn van een gelegenheidscombinatie van een funderingsmachine en een ponton of ander vaartuig, specifiek samengesteld voor een bepaald project.

In de richtlijn wordt verwezen naar de EN 16228 (Boor- en funderingsuitrusting - Veiligheid) en aanvullende bepalingen met betrekking tot onder andere het verankeringsysteem, het onderhoud, de documentatie, het pontonboek en bepalingen voor gelegenheidscombinaties van funderingsmachine en ponton of ander vaartuig.

Algemene aandachtspunten
  • Controleer of de stabiliteitsberekeningen (die rekening houden met de volgende variabelen: hoogte kade, oprijmogelijkheden, pontonafmetingen (zie pontonboek), kraanconfiguratie en overig materiaal) van het ponton aanwezig zijn en bespreek deze berekeningen met de engineeringsafdeling alvorens je aan de slag gaat. (Mocht er ter verduidelijking meer stabiliteitsberekeningen nodig zijn, geef dat ook aan bij de engineeringsafdeling).
  • Ga op projectlocatie kijken en controleer de kwaliteit van de kade, hoogteverschillen, stromingsomstandigheden ed.
  • Eventueel kan men besluiten om de compartimenten te vullen met water voor het creëren van extra stabiliteit. Hiervoor zijn wel stabiliteitsberekeningen noodzakelijk.
  • Ga altijd na welke mogelijkheden er zijn qua afmeren bij de kade.
  • Controleer de kwaliteit van de bolders op de kade en de verbindingsmaterialen (zorg voor de juiste capaciteit van de materialen, ga voor advies naar de technische afdeling)
  • Controleer op welke manier je uit het water kan komen (trapjes e.d.) voor het geval er iemand in het water valt.
  • Men dient te allen tijde rekening te houden met de kennis en ervaring binnen het team. Zorg ervoor dat er in ieder geval één persoon aanwezig is die kennis heeft met het oprijden van pontons, of zorg voor de juiste begeleiding van een leerling-machinist.
  • Machinisten (in de cabine) mogen géén zwemvest dragen, noch mag het zwemvest in de cabine aanwezig zijn omdat deze belemmerend kan werken bij het met spoed verlaten van de cabine.
  • Maak als ploeg samen met de uitvoerder een stappenplan.

Paragrafen 3.3, en 3.4 van het Vakboekje veilig funderen en de NVAF-richtlijn voor drijvend funderingsmaterieel geven meer specifieke informatie.

Documentatie
  • NVAF-richtlijn voor drijvend funderingsmaterieel
  • NEN-EN 16228:2014 en Boor- en funderingsuitrusting - Veiligheid
  • Vakboekje Veilig Funderen
 
   
   
 

Download gehele proces als PDF

 
 
 

< terug naar vorige pagina